📅 Laatst bijgewerkt: 17 mei 2026
· 🏷 Onderwerp: verliesverrekening, kalenderjaar-grens, categoria-vraag (kernvraag), art. 344 WIB92
· 🇧🇪 Voor: Belgische particulieren die in 2026 verkopen met verlies én winst in hetzelfde jaar
Sinds 1 januari 2026 wordt op gerealiseerde meerwaarden op financiële activa een belasting van 10% geheven boven de jaarlijkse vrijstelling van €10.000 per belastingplichtige per kalenderjaar (FOD Financiën, geraadpleegd 2026-05-17). Wie in hetzelfde jaar zowel winsten als verliezen realiseert, mag die verliezen in mindering brengen — maar onder twee strenge regels: binnen hetzelfde kalenderjaar én, naar de heersende practitioner-interpretatie, binnen dezelfde categorie van financiële activa. Dit artikel legt beide regels uit, bespreekt de kernvraag (de FOD bevestigt de categoriebeperking niet expliciet) en toont drie voorbeelden. De aangifte-mechanic zelf (welke vakken op Tax-on-Web, wanneer betaalt je broker, wanneer je zelf aangeeft) staat in onze Meerwaardebelasting 2026: aangifte en Tax-on-Web gids.
1. Wat is verliesverrekening onder de 10% meerwaardebelasting?
Verliesverrekening (in fiscaal Nederlands: minderwaarden aftrekken) is het in mindering brengen van een gerealiseerd verlies op een gerealiseerde meerwaarde. “Gerealiseerd” = pas op het ogenblik van de effectieve verkoop, omruiling of overdracht — een positie die op papier in waarde is gedaald maar nog niet verkocht, telt fiscaal niet mee.
De rekenvolgorde onder de Wet van 6 april 2026 is bevestigd op FOD Financiën (geraadpleegd 2026-05-17) en bij Bolero (geraadpleegd 2026-05-17): tel eerst alle gerealiseerde meerwaarden binnen het kalenderjaar op, trek daar alle gerealiseerde verliezen van datzelfde jaar af, en pas op de netto-meerwaarde wordt de jaarlijkse vrijstelling van €10.000 toegepast. Het saldo daarboven wordt belast aan 10%.
💡 Niet door elkaar halen. De basisvrijstelling van €10.000 per persoon per kalenderjaar is de hoofdvrijstelling die dit artikel bespreekt — geïndexeerd voor aanslagjaar 2027. De carry-forward van €1.000 per jaar geldt op de ongebruikte schijf van diezelfde vrijstelling (cumulatief tot €5.000 extra overdraagbare vrijstelling over 5 rollende jaren — zodat de totale maximale vrijstelling kan oplopen tot €15.000; FOD: “tot een maximale vrijstelling na 5 jaar van 15.000 euro”) (FOD Financiën, geraadpleegd 2026-05-17). Aanmerkelijk belang (≥ 20% in één vennootschap) valt onder een apart progressief regime (1,25%-10%) met eigen vrijstelling van €1 miljoen per rollende 5-jaar (KPMG Belgium, geraadpleegd 2026-05-17) — buiten het kader van dit artikel.
2. Wettelijk kader: Wet van 6 april 2026
De wettelijke basis is de Wet van 6 april 2026, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 21 april 2026. Let op het onderscheid: 3 april 2026 is de stemdatum in de Kamer; 6 april 2026 is de Koninklijke promulgatiedatum en de formele titel van de wet (KPMG Belgium, geraadpleegd 2026-05-17). Verwijs altijd naar 6 april, ook al duiken in secundaire bronnen nog beide data op.
De wet introduceert drie restricties op verliesverrekening:
- Realisatie-eis — alleen verliezen die je effectief realiseert (verkoop, omruiling, overdracht) tellen mee. Papieren verliezen tellen niet.
- Kalenderjaar-grens — verliezen verreken je enkel binnen hetzelfde kalenderjaar als de winst. Restverlies vervalt op 31 december (zie § 3).
- Categoria-vraag — de heersende practitioner-lezing zegt: verliezen enkel binnen dezelfde categorie van financiële activa. De FOD bevestigt deze restrictie niet uitdrukkelijk (zie § 4 — kernvraag).
In scope: beursgenoteerde aandelen, ETF’s, obligaties, beleggingsfondsen, derivaten, vreemde valuta, beleggingsgoud en cryptomunten. Buiten scope: vastgoed (eigen regime), pensioensparen, langetermijnsparen, en de werknemers-groepsverzekering (2e pijler). Beroepsmatige speculatie blijft belast als divers inkomen aan 33% per artikel 90 WIB92 (PwC Belgium, geraadpleegd 2026-05-17). Persoonlijke Tak 21 binnen 8 jaar blijft belast aan 30% RV zonder bijkomende 10% CGT; na 8 jaar valt een afkoop onder het 10%-regime (Federale Verzekering — Meerwaardetaks op Tak 21, geraadpleegd 2026-05-17).
3. Binnen-kalenderjaar restrictie: geen carry-forward voor verliezen
Dit is de zwaarste regel — en de meest kostbare als je hem mist. Een verlies dat niet binnen hetzelfde kalenderjaar is verrekend, vervalt fiscaal. Er bestaat geen carry-forward voor verliezen onder de Wet van 6 april 2026 (FOD Financiën, geraadpleegd 2026-05-17, bevestigd door Bolero — Vrijstelling en minderwaarde en DVD Tax Law, beide geraadpleegd 2026-05-17).
⚠️ Niet te verwarren met de €1.000 carry-forward. Wat wel overdraagbaar is, is het niet-gebruikte deel van de eerste €1.000-schijf van de basisvrijstelling: dat kan naar het volgende jaar worden doorgeschoven (max. €1.000 per jaar, gedurende max. 5 jaar), zodat de totale cumulatieve vrijstelling kan oplopen tot €15.000 (FOD Financiën, geraadpleegd 2026-05-17). De verliezen zelf kunnen nooit worden doorgeschoven.
Concreet gevolg: kalenderdatum is alles. Wie op 28 december 2026 een verlieslijdende positie verkoopt, mag dat verlies aftrekken van de winsten van 2026. Wie vier dagen wacht en pas na 31 december 2026 verkoopt, kan datzelfde verlies nooit meer tegen de 2026-winsten zetten — het telt enkel voor het 2027-saldo. Bij grote bedragen is dat materieel: 10% op €4.000 = €400 belasting, gewonnen of verloren op vier kalenderdagen.
4. Same-category restrictie — de kernvraag
⚠️ Geen FOD-circulaire op 2026-05-17. De FOD-landingspagina bevestigt de categoriebeperking niet uitdrukkelijk en er is geen FOD-circulaire op 2026-05-17. Meerdere onafhankelijke Belgische fiscalisten en accountancyfirma’s (Loyens & Loeff, DVD Tax Law, Moore Law, LWB, SBB, Grant Thornton, KPMG, Tiberghien) lezen de wet zo dat verliezen enkel verrekenbaar zijn binnen dezelfde categorie van financiële activa. Eén retail-broker (Bolero) formuleert het generiek zonder categoriebeperking; dit staat tegenover de lezing van acht onafhankelijke fiscale professionals. Een belastingplichtige met een gemengde portefeuille doet er verstandig aan de restrictieve lezing te hanteren totdat een FOD-circulaire klaarheid brengt.
Lezing A — restrictief (Loyens & Loeff + DVD Tax Law + KPMG)
Verliezen kunnen enkel worden afgetrokken van winsten binnen dezelfde categorie van financiële activa. Loyens & Loeff (geraadpleegd 2026-05-17) schrijft expliciet: “losses…relate to the same category of financial assets”. DVD Tax Law (geraadpleegd 2026-05-17) bevestigt: “binnen dezelfde categorie van financiële activa”. KPMG Belgium (geraadpleegd 2026-05-17) volgt dezelfde lijn. Praktisch gevolg: een verlies op crypto kan niet worden afgetrokken van een winst op aandelen; een obligatie-verlies niet van een ETF-winst. Binnen “aandelen + ETF’s” (Category C in de meeste practitioner-schema’s) lijkt onderlinge compensatie wel toegelaten.
Lezing B — liberaal (FOD-stilte + Bolero-framing)
De FOD Financiën-landingspagina (geraadpleegd 2026-05-17) noemt geen categoriebeperking; Bolero (geraadpleegd 2026-05-17) framet verliesverrekening generiek als “verlies tegen winst, ongeacht het type financieel actief”. Naar deze lezing kan een crypto-verlies wél van een aandelen-winst worden afgetrokken. De Keytrade Bank FAQ Meerwaardebelasting (geraadpleegd 2026-05-17) maakt eveneens geen categoria-onderscheid.
Wat betekent dit voor TX-01 § 6 Voorbeeld 3?
Onze gids Meerwaardebelasting 2026: aangifte en Tax-on-Web toont in § 6 Voorbeeld 3 een IWDA-ETF-winst (+€8.000), een NN Group aandelen-winst (+€15.000) en een Aedifica REIT-verlies (-€4.000). Aedifica (een Belgische GVV, beursgenoteerd aandeel) valt naar de heersende practitioner-lezing (Tiberghien, Loyens & Loeff, EY, KPMG, PwC, Cazimir, alle geraadpleegd 2026-05-17) onder dezelfde “beursgenoteerde aandelen / financiële instrumenten”-categorie als IWDA + NN Group — compensatie blijft mathematisch overeind. Geen enkele geraadpleegde bron benoemt GVV’s expliciet als aparte categorie, maar het ontbreken van een FOD-circulaire op 2026-05-17 betekent dat dit een convergent-impliciete lezing is, niet een FOD-bevestiging. Raadpleeg een erkend adviseur bij portefeuilles met grote GVV-posities zolang de FOD-circulaire uitblijft. Cross-categorische offsets (crypto-verlies tegen een aandelen-winst) zijn waar het scharniert: tot er een FOD-circulaire is, blijft dit een onzekere positie.
Wash-sale en art. 344 WIB92 — wat geldt er bij gericht verlies-nemen?
Belgisch belastingrecht kent geen specifieke wash-sale-regel (Loyens & Loeff, geraadpleegd 2026-05-17, en Curvo consensus, geraadpleegd 2026-05-17). De algemene anti-misbruik-bepaling van artikel 344 WIB92 kan wel worden ingeroepen tegen een zuiver kunstmatige constructie zonder economische realiteit (PwC Belgium, geraadpleegd 2026-05-17). Meerdere fiscalisten stellen dat gericht verlies-nemen op zich — mits er een reële economische positiewijziging plaatsvindt — niet als misbruik in de zin van art. 344 WIB92 wordt beschouwd. De risicozone ontstaat pas als de enige bedoeling belastingbesparing is en je dezelfde positie binnen enkele dagen terugkoopt zonder portefeuille-rationale.
5. Drie praktische voorbeelden
Voorbeeld 1 — Verlies en winst binnen dezelfde categorie, hetzelfde jaar
Lukas (ongehuwd, alle posities op één Bolero-rekening). In 2026 realiseert hij +€14.000 op een IWDA-ETF (verkocht juni 2026) en -€3.000 op een SPY-ETF (verkocht november 2026). Beide zijn ETF’s — onbetwist dezelfde categorie onder lezing A én lezing B.
| Lijn | Bedrag |
|---|---|
| Brutomeerwaarde IWDA | +€14.000 |
| Brutoverlies SPY | -€3.000 |
| Netto-meerwaarde 2026 | €11.000 |
| Jaarlijkse vrijstelling | -€10.000 |
| Belastbare meerwaarde | €1.000 |
| Meerwaardebelasting 10% | €100 |
Voorbeeld 2 — Een week verschil
Anouk realiseert in 2026 +€12.000 op een ETF-verkoop (april) en heeft in december een verlieslijdende aandelenpositie van -€2.000. Scenario A (verkoop op 29 december 2026): netto €10.000 − €10.000 vrijstelling = €0 belasting. Scenario B (verkoop op 5 januari 2027): het verlies telt enkel voor het 2027-saldo; 2026 wordt belast op €12.000 − €10.000 = €2.000 × 10% = €200 belasting. Zeven kalenderdagen en het ontbreken van een tweede verkoop in datzelfde jaar bepalen het verschil.
Voorbeeld 3 — Cross-categorisch (de kernvraag in actie)
Sander realiseert in 2026 een crypto-winst van +€18.000 (Bitcoin-verkoop juni) en een ETF-verlies van -€5.000 (verkocht oktober).
- Onder lezing A (restrictief). Crypto en ETF’s zijn verschillende categorieën. Het ETF-verlies kan niet worden afgetrokken van de crypto-winst. Belastbaar: €18.000 − €10.000 vrijstelling = €8.000 × 10% = €800. Het ETF-verlies kan enkel een ETF-winst in 2026 compenseren — die heeft Sander niet — en vervalt fiscaal op 31 december.
- Onder lezing B (liberaal). Netto-meerwaarde 2026 = €13.000. Belastbaar: €13.000 − €10.000 = €3.000 × 10% = €300.
Het verschil tussen lezing A en lezing B is hier €500. Conservatieve framing: bouw je verwachting op lezing A en behandel een gunstigere uitkomst als bonus zodra de FOD-circulaire er is. Documenteer in beide scenario’s je aankoopprijs, verkoopprijs en categorie-codering (ISIN voor effecten, exchange-token-ticker voor crypto) — je hebt het bewijs nodig in je aangifte 2027.
6. Aangifte-praktische impact
Voor wie alle verkopen via een Belgische broker verloopt, regelt de broker vanaf 1 juni 2026 de inhouding van 10% op de bruto-winst per verkoop (Keytrade Bank, geraadpleegd 2026-05-17, en Bolero, geraadpleegd 2026-05-17). De opt-out-deadline verschilt sterk per broker en ligt bij meerdere grote brokers vlak na publicatie van dit artikel: Bolero 29 mei 2026 en Keytrade 31 mei 2026 sluiten als eerste, Belfius hanteert 12 juni 2026, Saxo eind mei tot 30 juni 2026. Argenta is een uitzondering: het opt-out-keuzevenster opent pas op 22 juni 2026 en sluit op 31 augustus 2026. De wettelijke algemene deadline voor opt-out-melding aan je financiële instelling loopt in principe tot 31 augustus 2026 — verschillende brokers hanteren een eerdere interne deadline om hun bronheffingssystemen klaar te zetten voor 1 juni. Deadlines kunnen tussen het schrijven en het lezen van dit artikel verstrijken — controleer altijd de actuele deadline rechtstreeks bij je eigen broker. De exacte aangifte-padkeuze en vakcodes staan in Meerwaardebelasting 2026: aangifte en Tax-on-Web.
⛔ Vakcodes AJ 2027 nog niet vastgelegd op 2026-05-17. Het officiële Tax-on-Web aangifteformulier voor inkomsten 2026 wordt verwacht in Q1 2027. Vul geen vakcodes blindelings in op basis van speculatie.
Een aparte gids over terugvordering bij broker-inhouding — wanneer de bruto-inhouding hoger is dan je netto-verschuldigde belasting, typisch bij meerdere brokers — volgt binnen dit cluster. Bewaar tot dan je broker-fiches, transactieboek en categoria-codering.
Bronnen & verder lezen
Wettelijke teksten en FOD:
- FOD Financiën — Meerwaardebelasting (geraadpleegd 2026-05-17) — primaire bron voor de €10.000-vrijstelling, “per persoon”-regel, kalenderjaar-grens en de afwezigheid van een carry-forward voor verliezen.
- Wet van 6 april 2026 — meerwaardebelasting financiële activa, BS 21 april 2026 (geraadpleegd 2026-05-17) — wetgevende basis (ejustice-zoektoegang; op auditmoment intermitterend 500).
- FOD Financiën — Taks op beursverrichtingen (TOB) (geraadpleegd 2026-05-17) — TOB-tarieven en maxima, relevant voor de transactiekosten bij gericht verlies-nemen.
- Federale Verzekering — Meerwaardetaks op Tak 21 (geraadpleegd 2026-05-17) — verzekeraar-bevestiging dat Tak 21 binnen 8 jaar onder 30% RV blijft en geen bijkomende 10% CGT triggert; na 8 jaar valt afkoop onder het 10%-regime. (Vervangt eerdere FSMA-link
fsma.be/nl/tak-21, die op 2026-05-17 HTTP 404 retourneerde — Audit-1 MATERIAL-4.)
- Wikifin — Belastingen op je Belgische beleggingen (geraadpleegd 2026-05-17; pagina-inhoud mogelijk niet volledig bijgewerkt na inwerkingtreding Wet 6 april 2026 — controleer actualiteit) — secundair-officieel overzicht via FSMA-portaal.
Brokers en uitvoerders:
- Bolero — Vrijstelling en minderwaarde (geraadpleegd 2026-05-17) — practitioner-uitleg over de rekenvolgorde + bevestiging dat restverlies niet overdraagbaar is.
- Keytrade Bank — FAQ Meerwaardebelasting (geraadpleegd 2026-05-17) — broker-inhouding vanaf 1 juni 2026.
Belgische fiscalisten (secundair):
- Loyens & Loeff — Capital gains tax in Belgium becomes reality (geraadpleegd 2026-05-17) — restrictieve lezing van same-category restriction.
- DVD Tax Law — Overzicht meerwaardebelasting vanaf 1 januari 2026 (geraadpleegd 2026-05-17) — bevestigt categoriebeperking + €1.000-carry-forward-mechanic.
- KPMG Belgium — New capital gains tax on financial assets (geraadpleegd 2026-05-17) — aanmerkelijk-belang-regime + indexering van de basisvrijstelling + commentaar over art. 344 grenzen.
- PwC Belgium — Belgian capital gains tax changes (geraadpleegd 2026-05-17) — bredere context, art. 90 WIB92 33%-tarief beroepsspeculatie.
Onze gerelateerde artikelen:
- Pillar Belgische beleggingsbelastingen — overzicht TOB, RV, meerwaardebelasting, Reynders.
- Meerwaardebelasting 2026: aangifte en Tax-on-Web — de aangifteprocedure stap voor stap, inclusief broker-inhouding en opt-out-deadlines.
- Een aparte gids over de €10.000-vrijstelling en partner-splitsing volgt binnen dit cluster (in voorbereiding).
- Een aparte gids over foto-waarde 31 december 2025 voor ETF en crypto-bewijsvoering volgt binnen dit cluster (in voorbereiding).
- Een aparte gids over broker-inhouding en terugvordering via Tax-on-Web volgt binnen dit cluster (in voorbereiding).
