België verlaten in 2026: exitbelasting op latente meerwaarden + EEA-uitstel

Laatst bijgewerkt: 2026-05-21

Op deze pagina:
1. Wat is de exitbelasting?
2. Wanneer triggert de exitbelasting?
3. Welke activa zijn betrokken?
4. Hoe berekent u de exitbelasting?
5. EEA-uitstel en verdragslanden
6. Buiten de EEA: uitstel met zekerheid
7. Wel of niet verkopen voor vertrek?
8. Praktische checklist


Inleiding

Sinds 1 januari 2026 kent België een nieuwe meerwaardebelasting van 10% op gerealiseerde meerwaarden op financiële activa, ingevoerd bij de Wet van 6 april 2026, BS 21 april 2026, NUMAC 2026002780 (geraadpleegd 2026-05-20). Wat weinig beleggers weten: dezelfde wet introduceert ook een zogenaamde exitbelasting. Wie zijn fiscale woonplaats of de zetel van zijn vermogen naar het buitenland verplaatst, wordt door de wet geacht al zijn financiële activa te hebben verkocht — ook al heeft hij dat in werkelijkheid helemaal niet gedaan.

Het goede nieuws: voor wie vertrekt naar een EU-lidstaat, een EEA-land (Noorwegen, IJsland, Liechtenstein) of een verdragsland dat belastingsamenwerking met België voorziet, geldt een automatisch uitstel van betaling gedurende twee jaar. Als u in die periode geen activa verkoopt, vervalt de exitbelasting volledig. Dit artikel legt uit hoe het mechanisme werkt, welke landen kwalificeren en welke keuzes u heeft vóór vertrek.


1. Wat is de exitbelasting?

De exitbelasting is geen zelfstandige belasting. Ze is ingebouwd in de nieuwe meerwaardebelasting via artikel 92, §2, 2° WIB92 (geraadpleegd 2026-05-21), zoals ingevoerd door de Wet van 6 april 2026. Het principe is eenvoudig: op het moment dat u België verlaat, gaat de wet ervan uit dat u al uw financiële activa op die datum heeft verkocht tegen marktwaarde. Dit noemt men een fictieve vervreemding of deemed disposal.

Concreet betekent dit: als uw ETF-portefeuille op uw vertrekdatum een latente meerwaarde heeft van €50.000 ten opzichte van uw verwervingsprijs (de foto-waarde van 31 december 2025 als die hoger was, zie § 4), is er in principe een exitbelasting van 10% verschuldigd op dat bedrag — of €5.000 — zelfs al heeft u die ETFs nooit verkocht.

De exitbelasting bestaat om een belastingvlucht te voorkomen. Zonder dit mechanisme zou iemand kunnen wachten tot zijn portefeuille een grote latente winst heeft, emigreren naar een land zonder meerwaardebelasting, en vervolgens de activa belastingvrij verkopen. De exitbelasting snijdt dat pad af.

Praktische takeaway: De exitbelasting is niet bedoeld om vertrek te bestraffen — ze is bedoeld om belastingontwijking via emigratie te voorkomen. Voor wie eerlijk emigreert en zijn activa gewoon aanhoudt, biedt het EEA-uitstelmechanisme de meeste bescherming.


2. Wanneer triggert de exitbelasting?

De exitbelasting wordt getriggerd door twee afzonderlijke gebeurtenissen. Het volstaat dat één van beide zich voordoet:

Trigger 1: Verplaatsing van fiscale woonplaats
U verlaat België definitief en schrijft u uit bij de gemeente. U vestigt uw fiscale woonplaats (domicilié) in het buitenland. Het is die datum van feitelijk vertrek — doorgaans de datum van uitschrijving uit het Rijksregister — die geldt als vertrekdatum voor de exitbelasting.

Trigger 2: Verplaatsing van de zetel van fortuin
De Belgische personenbelasting knoopt fiscaal inwonerschap ook vast aan de zetel van fortuin: de plek van waaruit iemand zijn vermogen beheert (artikel 2, §1, 1° WIB92, geraadpleegd 2026-05-20). Wie zijn woonplaats formeel in België houdt maar al zijn financieel beheer, beleggingsrekeningen en vermogensbeslissingen volledig naar het buitenland verplaatst, kan ook de exitbelasting triggeren — zelfs zonder formele uitschrijving.

Dit tweede trigger is zeldzamer en vereist een feitelijke beoordeling door de fiscus. In de praktijk speelt het vooral bij vermogende belastingplichtigen die een splitsing maken tussen hun formele woonplaats en hun economisch leven. Voor de meeste gewone beleggers die Belgium verlaten via reguliere emigratie, is trigger 1 de relevante situatie.

Praktische takeaway: De dag van uw uitschrijving uit het Rijksregister is uw juridische vertrekdatum. Documenteer uw portefeuillewaarden op die datum zorgvuldig — die waarde wordt uw belastingbare basis voor de exitbelasting.


3. Welke activa zijn betrokken?

De exitbelasting volgt dezelfde activadefinitie als de gewone meerwaardebelasting. De volgende financiële activa zijn inbegrepen (Wet van 6 april 2026, geraadpleegd 2026-05-20):

Activaklasse Inbegrepen?
Aandelen (beursgenoteerd en niet-beursgenoteerd) Ja
Obligaties en schuldinstrumenten Ja
ETFs en beleggingsfondsen (accumulerend en distribueren) Ja
Derivaten (opties, futures, warrants) Ja
Takken-21, -23, -26 verzekeringscontracten Ja
Crypto-activa Ja
Beleggingsgoud en beleggingsvaluta Ja
Belgisch onroerend goed Nee (apart regime)
Pensioensparen (3e pijler) Nee (eigen fiscaal kader)
Groepsverzekering (2e pijler) Nee (eigen fiscaal kader)

Belangrijke nuance: Aandelen in een vennootschap waarbij u een aanmerkelijk belang houdt (≥ 20 % van het stemrecht of kapitaal) vallen onder een apart regime met een vrijstelling van €1.000.000 over een glijdende periode van 5 jaar en progressieve tarieven (1,25 %-5 % tot €10 M, daarna 10 %). De interactie met de exitbelasting wordt in een vervolgartikel (EL-08) uitgewerkt.


4. Hoe berekent u de exitbelasting?

Berekeningsbasis

De belastbare meerwaarde bij vertrek is het positieve verschil tussen:
– Marktwaarde op de vertrekdatum (slotkoers op de dag van uitschrijving voor beursgenoteerde activa)
– Verwervingswaarde (de lagere van: werkelijke aankoopprijs óf foto-waarde 31 december 2025)

Concreet: als u een ETF kocht voor €20.000 vóór 2026, bedroeg de koers op 31 december 2025 €35.000 en staat de ETF op uw vertrekdatum op €40.000, dan is uw belastbare meerwaarde €5.000 (€40.000 – €35.000). De historische winst van €15.000 vóór 2026 is vrijgesteld door de foto-waarde.

Tarief en vrijstelling

De exitbelasting bedraagt 10% van de belastbare meerwaarde (artikel 90, §1, 9°, c WIB92, geraadpleegd 2026-05-20).

Over de jaarlijkse vrijstelling van €10.000 en de maximale overdracht van €15.000 (5 × €1.000 per jaar) bij exitbelasting bestaat enige rechtsonzekerheid (zie reviewer-notes). Op basis van de beschikbare informatie (EY tax alert, geraadpleegd 2026-05-20) lijkt de standaard jaarlijkse vrijstelling in principe van toepassing — maar de precieze modaliteiten voor de fictieve vervreemdingssituatie zijn nog niet officieel bevestigd door FOD Financiën.

Voorbeeld:
– Portefeuillewaarde op vertrekdatum: €180.000
– Foto-waarde 31/12/2025: €120.000
– Belastbare meerwaarde: €60.000
– Minus jaarlijkse vrijstelling (indicatief): €10.000
– Belastbare basis: €50.000
– Exitbelasting (10%): €5.000


5. EEA-uitstel en verdragslanden

Voor wie vertrekt naar een kwalificerende bestemming, is er goed nieuws: de exitbelasting hoeft u niet onmiddellijk te betalen.

Automatisch uitstel van betaling

Een automatisch uitstel van betaling gedurende twee jaar geldt wanneer u uw fiscale woonplaats verplaatst naar (EY tax alert, geraadpleegd 2026-05-20):

  • Een EU-lidstaat (Frankrijk, Nederland, Duitsland, Spanje, Portugal, Italië, enz.)
  • Een EEA-land (Noorwegen, IJsland, Liechtenstein — niet-EU maar EEA)
  • Een verdragsland dat met België een dubbelbelastingverdrag heeft gesloten dat zowel informatie-uitwisseling als wederzijdse bijstand bij invordering voorziet

U hoeft zelf niets aan te vragen: het uitstel is automatisch. U moet uw vertrek en de belastbare meerwaarden vermelden in uw aangifte personenbelasting over het vertrekjaar, maar betaling is opgeschort.

De 24-maanden-regel

Tijdens de uitstellperiode van twee jaar gelden twee regels:

  1. Verkoopt u activa binnen 24 maanden na vertrek? Dan vervalt het uitstel voor die activa en wordt de exitbelasting onmiddellijk opeisbaar in België — ook al bent u al gevraagd op uw nieuwe adres.

  2. Verkoopt u niets binnen 24 maanden? Dan vervalt de exitbelasting volledig. U bent niets verschuldigd.

Terugkeer naar België binnen 24 maanden zonder verkoop van activa heeft hetzelfde effect: ook dan vervalt de exitbelasting (en blijft uw oorspronkelijke verwervingswaarde behouden).

Exitbelasting 2026: uw situatie in één oogopslag U verlaat België met latente meerwaarden Bestemming? EU / EEA / verdrag? Nee (VAE, Monaco…) Uitstel mogelijk mét zekerheid Ja → automatisch 2 jaar automatisch uitstel Verkoopt u activa binnen 24 maanden? Ja Exitbelasting opeisbaar Nee Exitbelasting vervalt U betaalt niets
Beslisboom exitbelasting België 2026. EU/EEA/verdragslanden: automatisch 2 jaar uitstel. Geen verkoop binnen 24 maanden → belasting vervalt.

Praktische takeaway: De EEA-uitstelmaatregel is de reden waarom de meeste Belgen die emigreren naar een EU-buurland in de praktijk nooit de exitbelasting betalen — zolang ze hun beleggingsportefeuille twee jaar lang intact houden.


6. Buiten de EEA: uitstel met zekerheid

Wie vertrekt naar een land dat niet kwalificeert voor automatisch uitstel — denk aan de VAE, Monaco, of landen zonder adequate verdragsclausule — kan alsnog om uitstel verzoeken. De voorwaarden zijn strenger:

  1. Actief verzoek: U moet het uitstel zelf aanvragen bij FOD Financiën.
  2. Zekerheid stellen: U moet voldoende zekerheid bieden voor de openstaande belastingschuld. Dat kan via een bankgarantie, een pand op effecten of een storting bij de Deposito- en Consignatiekas (geraadpleegd 2026-05-20).
  3. Jaarlijkse bevestiging: U moet jaarlijks aan de Belgische belastingautoriteiten bevestigen dat de activa niet zijn verkocht en dat u aan de voorwaarden voldoet.

De zekerheid wordt vrijgegeven na 24 maanden (als er geen activa werden verkocht) of wanneer u terugkeert naar België.

Landen die mogelijk niet kwalificeren voor automatisch uitstel (en dus zekerheid vereisen): VAE, Monaco, Singapore, en landen zonder volledig belastingverdrag met wederzijdse invorderingsbijstand. De precieze lijst van kwalificerende verdragslanden is nog niet door FOD Financiën gepubliceerd (zie reviewer-notes). Zwitserland en de VS hebben wel verdragen met België, maar de vraag of die de invorderingsbijstandclausule bevatten die kwalificatie vereist, is onderwerp van vakdebat (EY tax alert, geraadpleegd 2026-05-20).


7. Wel of niet verkopen vóór vertrek?

Wie emigreert heeft een strategische keuze: activa vóór vertrek verkopen (en definitief afrekenen) of ze aanhouden en het EEA-uitstelmechanisme benutten.

Optie A: Verkopen vóór vertrek

U realiseert de meerwaarden vóór uw vertrekdatum. U betaalt de Belgische meerwaardebelasting van 10%, maar u heeft een schone lei op het moment van vertrek. Voordelen:
– Geen exitbelastingrisico
– Geen tweejarige monitoring-verplichting
– Vrij om in uw nieuwe land een nieuwe beleggingsstrategie te starten met een step-up in verwervingswaarde

Nadeel: u betaalt de belasting nu, terwijl u met optie B misschien helemaal niets zou betalen.

Optie B: Aanhouden en EEA-uitstel benutten

U vertrekt naar een EU/EEA-land of kwalificerend verdragsland, houdt uw activa gedurende 24 maanden aan, en de exitbelasting vervalt. Voordelen:
– Als u de activa langer dan 24 maanden na vertrek wil aanhouden: u betaalt effectief geen exitbelasting
– Als u verwacht dat uw nieuwe woonland voordeligere vermogensbelastingregels heeft: u kunt na 24 maanden verkopen onder het lokale regime

Risico: als u binnen 24 maanden toch moet of wil verkopen — door financiële nood, koersinstorting, of investeringskans — wordt de Belgische exitbelasting onmiddellijk opeisbaar. U bent dan ook verplicht om aangifte te doen in België.

Aandachtspunt: belastingstelsel nieuw woonland

Controleer altijd welke meerwaardebelasting uw nieuwe woonland heeft, vóór u beslist om aan te houden:

  • Frankrijk: 31,4 % “prélèvement forfaitaire unique” (PFU) op meerwaarden sinds 2026 (12,8 % inkomstenbelasting + 18,6 % sociale bijdragen, na de verhoging van de CSG door de LFSS 2026; bron: service-public.gouv.fr, geraadpleegd 2026-05-21).


  • Nederland: box-3 vermogensrendementsheffing 36 % op fictief rendement (1,28 % spaar / 6,00 % beleggingen in 2026); HR-rechtspraak verplicht sinds 2024 wel om het werkelijk rendement te volgen als dat lager is (overgang naar werkelijk-rendement-systeem uitgesteld tot 2028; bron: belastingdienst.nl, geraadpleegd 2026-05-21).


  • Spanje: 19 % tot 30 % progressief tarief op meerwaarden (19 % tot €6.000, dan in schijven tot 30 % boven €300.000 sinds Ley 7/2024; bron: PwC Tax Summaries Spain, geraadpleegd 2026-05-21).


  • Duitsland: 25 % Abgeltungsteuer op meerwaarden, +5,5 % Solidaritätszuschlag op de heffing (effectief ~26,375 %), eventueel +kerkbelasting 8-9 % voor leden (bron: n26, geraadpleegd 2026-05-21).

In landen met een hogere meerwaardebelasting dan België kan het voordeliger zijn de belasting in België te betalen en na vertrek een schone portefeuille te hebben. In landen met een lager tarief is optie B aantrekkelijker.


Praktische checklist

  • [ ] Bepaal uw vertrekdatum (uitschrijving Rijksregister) — dat is uw fiscale vertrekdatum voor de exitbelasting.
  • [ ] Bereken uw latente meerwaarden op de geplande vertrekdatum: marktwaarde min foto-waarde 31/12/2025 (of werkelijke aankoopprijs als die hoger was).
  • [ ] Controleer de bestemming: valt uw nieuwe land in de EU/EEA-categorie of heeft België een kwalificerend dubbelbelastingverdrag? → automatisch uitstel. Zo niet: vraag uitstel aan en zet zekerheid klaar.
  • [ ] Beslis: optie A (verkopen) of optie B (aanhouden)? Vergelijk Belgische meerwaardebelasting van 10% met het tarief in uw nieuwe woonland én het risico dat u binnen 24 maanden toch verkoopt.
  • [ ] Bewaar portefeuilledocumentatie: sla rekeningafschriften op van uw vertrekdatum (koersen per activum) voor bewijslast.
  • [ ] Raadpleeg een belastingadviseur bij aanzienlijke latente meerwaarden (€50.000+) of emigratie naar een niet-EU/EEA-land. De exitbelasting is relatief nieuw en de uitvoeringsregels zijn niet volledig gepubliceerd.
  • [ ] Vergeet uw Belgische aangifte niet: voor het jaar van vertrek dient u een gesplitste aangifte in (resident-deel + niet-resident-deel). Exitbelastingdocumentatie hoort bij de aangifte van het vertrekjaar.


Bronnen & verder lezen





Scroll naar boven